Van wie was Денисьева, Елена Александровна?
Fyodor Tyutchev dateerde van Денисьева, Елена Александровна van ? tot ?.
Денисьева, Елена Александровна
Еле́на Алекса́ндровна Дени́сьева (14 мая 1826 — 4 августа 1864, Санкт-Петербург) — русская писательница, возлюбленная Фёдора Ивановича Тютчева. Её отношения с поэтом продолжались в течение четырнадцати лет; вне брака родились трое детей, двое из которых скончались менее чем через год после смерти матери.
Произведения Тютчева, посвящённые Денисьевой («Предопределение», «О, как убийственно мы любим…», «Последняя любовь» и другие), имеют автобиографическую основу. В литературоведении адресованный ей «стихотворный роман» назван денисьевским циклом.
Lees meer...Fyodor Tyutchev
Fjodor Ivanovitsj Tjoettsjev (Russisch: Фёдор Иванович Тютчев) (Ovstoeg (Oblast Orjol), 23 november/5 december 1803), – Sint-Petersburg, 15 juli/27 juli 1873) was een Russisch dichter die na Aleksandr Poesjkin en Michail Lermontov wordt gezien als de laatste van de drie grote Russische dichters uit de 19e eeuw.
Tjoettsjev studeerde in Moskou, kreeg in 1822 een aanstelling bij het ministerie voor buitenlandse zaken in Sint-Petersburg en werkte daarna lange tijd bij de Russische ambassade in München en (vanaf 1838) in Turijn. In 1844 keerde hij terug naar Sint-Petersburg.
Zijn gedichten, die verzameld verschenen in 1868, onderscheiden zich door diepe gedachten, gevoelswarmte en volmaakte vorm. Tjoettsjev maakte zich ook verdienstelijk als vertaler van vooral Duitse dichters, onder wie Heinrich Heine, Johann Wolfgang von Goethe en Friedrich Schiller.
Bekend werd hij door een aforisme uit 1866 dat het Russische volkskarakter zeer goed beschrijft:
Hij schreef gedichten als "Весе́нняя гроза́" (vesennjaja groza, lentestorm), "Silentium", "Бессо́нница" (bessonnitsa, slapeloosheid), "Мальа́риа" (malaria) en "Мо́ре и утёс" (More i oetjos, de zee en de rots).
Lees meer...